Derde Allerhande

Broeder Adrianus Actualiteit

Logisch na (vorige maand) Ander Allerehande, volgt nu het derde voortkabbelend stukje:

Allereerst:  over de H in HMCL heb ik mij verkeerd laten informeren. Ik heb niet bij de juiste zegslieden geïnformeerd. Broeder GBF (de opper-HMCL’er) hielp mij uit de droom: oorspronkelijk stond de ‘H’ voor ‘Huisvesting’. De formele naam luidt echter: Stichting Beheer Maçonniek Centrum Leeuwarden (SBMCL).  Op de gevel komt echter te staan: Maçonniek Centrum Leeuwarden. Dit probleem is nu  uit de wereld, bedankt Gerrit.

Schreef ik vorige maand over de spotvogels van Harper Lee, daarbij aan sluit het boekenweekgeschenk van volgend jaar maart dat als titel heeft: “Leon en Juliet” en dat zich afspeelt begin 19e eeuw in de zuidelijke Amerikaanse staat Georgia. Korte inhoud: [onder embargo] een blanke jongeman koopt een zwarte slavin vrij en trouwt met haar, niet beseffend dat de kinderen die zij krijgen (halfbloedjes dus) niet naar school mogen en dus ook niet kunnen studeren. Verwikkelingen alom! Het manuscript moet nog naar de drukker er kan dus nog iets in veranderen verzekerde de schrijfster Annejet van der Zijl mij. Het boekje is gratis bij aankoop van een boek van een x-bedrag en geeft recht op een dag vrij reizen met de NS.

Ik heb weer eens een boekje  (154 pp.) te pakken: Johannes Hendrikus Zelle, Volksverhalen over een legendarisch predikant (1907-1983) van de hand van Drs. W. van der Veen (een gewezen beroepsmilitair en politieagent die op latere leeftijd theologie is gaan studeren en predikant geworden is). Zelle wordt de “preektijger van Leeuwarden” genoemd. Hij bulderde hel en verdoemenis van de kansel, hij ging zelfs zover dat hij van de kansel verkondigde dat stemmers op Den Uyl rechtstreeks naar de hel zouden gaan. Hij bedoelde natuurlijk stemmers op de PvdA, want slimme stemmers zouden natuurlijk, om erger te voorkomen, op nummer twee t/m einde hebben kunnen stemmen. Alleen ARP stemmen kon je van deze verdoemenis redden. Je moet maar durven als predikant. Ik denk trouwens dat Onze Lieve Heer ook zijn vraagtekens zette bij dit soort preken. Overigens was Zelle de achterneef van Margaretha Zelle, beter bekend als naaktdanseres onder haar artiestennaam Mata Hari (Oog van de dag[eraad]). Heel bekend is haar dans als Salomé (ja, die uit het oude testament) de dans met de zeven sluiers, die één voor één afvielen Een echte artiestenfamilie dus!

Wat heeft dit met vrijmetselarij te maken? De vader van  Margaretha en dus de oudoom van Ds. Zelle: Adam Zelle was hoedenmaker in Leeuwarden, Hij had het hoog in de bol, zijn bijnaam was dan ook: de Baron van Leeuwarden. Omdat hij echt tot de upper-class wilde behoren, wendde hij zich tot de vrijmetselarij. Hij kreeg hier echter geen voet binnen de deur. Kwaad als hij was, verweet hij later zelfs de vrijmetselarij dat zij zijn faillissement bewerkstelligd hadden. Via een omweg, een loge buiten Friesland werd hij toch ingewijd in de vrijmetselarij, toen moest ook De Friesche Trouw hem wel tot haar kolommen toelaten. Eén en ander is in 2007 tot documentaire verwerkt en  uitgezonden (16 juni) op Nederland 2, Diverse broeders van ons hebben nog aan deze film die gepresenteerd werd door Ernst Daniël Smit, meegewerkt.

Van geheel ander kaliber is: De voorspellingen van Toetanchamon, het verbijsterende geheim van de Maya’s, de Egyptenaren en de vrijmetselaars. Het begin van deze 381 pagina’s was voor mij moeilijk te volgen, dus snel doorgaan naar de hoofdstukken: “Het geheime wapen van de vrijmetselaars en Rozenkruisers” en “Hoe vrijmetselaars gedachten kunnen lezen”. Vraag me er niet naar, ik heb het niet begrepen. Voor de liefhebber, de schrijver is Maurice Cotterell. Als je klaar bent met lezen, leg het mij dan graag even uit.

Via  internet vond en kocht  ik: “De Uitvaert van het vryje Metzelaersgilde, een anti-maçonnieke klucht uit 1735″. Heruitgegeven en van commentaar voorzien  door Machteld Bouman. Niet alleen de vrijmetselaars (sinds 30 november 1735 officieel verboden in de Republiek), maar ook de uitvaartverzorgers en aansprekers krijgen er ongenadig van langs. De vrijmetselarij was volgens velen de dekmantel voor “godloose dingen“ en “quade  boevestukken”. Vooral sodomie was de aanklacht. Gods straf voor deze “gruwelzonde” was niet mals: Vlak na de ontdekking van een landelijk vertakt “sodomietennetwerk” in 1730 was immers een paalwormplaag uitgebroken die de met hout versterkte dijken aantastte, waarop zware overstromingen volgden. Een interessant boek, waarvan de klucht zelf maar 21 van de 162 pagina’s in beslag neemt.

Het houdt maar niet op: Eén van mijn zonen (ja, die op de avond voor belangstellenden was) bracht me een boek van Max Heindel: “Leer der Rozenkruisers (Rozenkruisers Cosmologie)”. Een 552 pagima’s tellend werk, dat na 67 pagina’s nog steeds niet aan mijn verwachtingen voldoet. Als Rozenkruizer ben ik gewend te lezen over de onbaatzuchtige liefde van mens tot mens, maar dit boek gaat uit van vier rijken: Mineralen, Planten, Dieren en als laatste Mensen, deze rijken zijn weer onderverdeeld in elk zeven sferen, die globaal behelzen: Gedachte wereld, Begeerte wereld en Stoffelijke wereld met boven dit alles de Zuivere Geest.

Het gaat mij eerlijk gezegd boven de pet. Het boek besluit met een tabel van Voedingswaarden met percentages Afval, Water, Proteïne. Vet, Koolhydraten, Asch en besluit met Calories en Tijd nodig om te verteren.

De boodschap van de Rozenkruisers en haar zending is volgens dit boek: een helder verstand, een liefdevol hart en een gezond lichaam. Daar kan ik mij allemaal in vinden, toch heb ik het boek terzijde gelegd. Ik hou het voorlopig nog maar op de onbaatzuchtige liefde van mens toot mens, dus om uw ergernis te voorkomen: stop ik hier maar.

Broeder Adrianus.