Ander Allerhande

Broeder Adrianus vrijmetselarij

Deed ik u in mijn vorige column kond van mijn zoektocht naar Pieter Jelles Troelstra’s lidmaatschap van de Friesche Trouw. Talloze broeders (Ik heb nog nooit zoveel reacties gehad) hielpen mij zoeken, maar we kwamen niet verder dan het lidmaatschap van zijn vader: Jelle.

Eén zegsman vermoedt dat PJ wel is ingewijd bij DFT, maar dat hij verder  nimmer een bijeenkomst heeft bijgewoond. Tegen mijn gewoonte in laat ik  de nadere zoektocht naar PJT en de vrijmetselarij maar rusten en wacht op een  serendipitymoment.  

Dan maar een andere dichter van wie aangenomen wordt dat hij vrijmetselaar was: Hendik Marsman (1899-1940) onder de loep nemen. Iedereen kent zijn: “Denkend aan Holland zie ik breede rivieren  traag door omeindig laagland gaan”, enz.  Maar een echt vrijmetselaarsgedicht,  ho maar, of toch? Her gedicht Tweede voorschrift begint met: “Wie kent zichzelf?”. Lijkt maçonniek maar gaat over het rusteloze in de mens en eindigt met de wijze woorden: “Wees van binnen vuur, van buiten ijs.” Vrijmetselaars die zich in het Westen als zodanig zouden moeten laten kennen, lopen kennelijk niet te koop met hun ”geloof”.  Jammer!  

Bij het opruimen van een omgevallen stapel boeken kwam ik een curieus geschriftje tegen: Frymitslery oer Godstsienst, Maetskippy, Nattur, Politiek, Sedekinde, Tsjerke end Upfieding van H.G. van der Veen, een schoolmeester uit Driesum. Het boekje was uitgegeven in 1871 door Hansma te Dockum.

Het boekje (64 pp) was nog onafgesneden, zodat ik, nieuwsgierig als ik ben, het  voorzichtig open sneed en ik de maagdelijke lezer mocht zijn. Wat kunnen dingen in het leven tegen vallen: ik citeer het Foarwidke:

“Hiede ik it wird Frymitselery net ta titel nummen fen disse “ùtfallen fen infallen”, ik scoe “  fry west habbe, dit foarwirdke to skriuwen. Nu, likwol, en pear richjes oer dat freaslik wird, hwerfen mannichien de grísel oer de gruwel gean scil.”

Tot hier en niet verder, ik zal u de gruwelen van de vrijmetselarij besparen: U kent ze wel: Broederschap en onbaatzuchtige liefde tot de medemens.

Wat een domper dit boekje van Herre Gerrits van der Veen, wiens schoolgebouw ik eind vorige eeuw kocht voor de opslag van boeken. Als ik dat geweten had…

Wel ter aanbeveling (om te lezen door liefhebbers van Europese historische literaire thrillers): van Monaldi & Sorti: Secretum.

Ik kwam het toevallig tegen in een kringloopwinkel. Titel en omvang (766 pp) spraken mij aan. Het speelt zich af  in juli 1700 in Rome en het Vaticaan en er ligt een paus (Innocentius II) op sterven. Heel interessant de verwevenheid van de kerkvorsten  en de seculiere koningen en keizers, met de (on)nodige intriges.

Maar…al lezende kwam ik er achter dat ik in een tweede deel bezig was, geen probleem, het merendeel was mij toch wel duidelijk.

Wie schetst echter mijn verbazing toen ik enige weken later in een vergelijkbare winkel in Dedemsvaart een dik boek (605 pp) zag liggen met de titel Imprimatur, ook van Monaldi & Sorti. Het bleek het eerste deel te zijn. Weer dagenlang leesplezier, nu over de periode 1683 tot en met 1699.

Omdat mijn vrouw weet dat ik stapel ben op alles (lezen, schrijven, verzamelen, handelen) wat met boeken te maken heeft, kwam zij thuis met een boek van  de Deense schrijfster Asne (met een rondje boven de A) Seierstad met als titel De boekhandelaar van Kaboel en als ondertitel: Een familie in Afghanistan.

De schrijfster wordt spontaan opgenomen in een Afghaans gezin en maakt alles mee wat het gezin (de familie) meemaakt. Aanvankelijk is de boekhandelaar mij (hoe zou het ook anders kunnen) sympathiek, maar allengs wordt hij driester en sloeg mijn gemoed radicaal om. Voor geïnteresseerden in het leven in Kaboel en heel Afghanistan tijdens de Russische overheersing, onder de Taliban en na de Taliban een aanrader.

omdat mijn vrouw ook van boeken houdt nam ze voor zichzelf mee: van Harper Lee: Spaar de Spotvogels (had ze ooit op de kweekschool gelezen). Dit boek komt oorspronkelijk uit 1960 en speelt zich af in de eerste helft ven de vorige eeuw in de staat Alabama en gaat dus over racisme. Oorspronkelijke titel: “To kill a mockingbird”. Ik kende het boek niet (nooit op de kweekschool geweest), maar het heeft me diep ontroerd, tot tranen toe.

Eén zin uit het boek wil ik Trump en de wapenlobby niet onthouden: “Als je een wapen bij je draagt, vráág je er eenvoudig om te worden neergeschoten.” (pagina 253). Het boek is verfilmd onder de Engelse titel.

Het HMCL-feestje: Verrassend! Maar de volgende dag in de LC geen verslag. Jammer, we hadden er zo éénstemmig mee naar buiten kunnen komen, gemiste kans!

Trouwens wat betekent die H in HMCL?  Historisch of homogeen? Het zal toch niet “het” betekenen ter onderscheiding van het echte MCL, Bij navraag bleek dat echter te kloppen. Vreemd, ik moet regelmatig naar het MCL en nu blijk ik ook regelmatig naar het HMCL te gaan. Dubbel op! 

Sorry, er is iets in de opmaak verkeerd gegaan dat ik niet meer herstellen kan. A-digibeet als ik ben.

Is het u ook opgevallen dat ik van columnist steeds meer een kroniekeur aan het worden ben of dagboekenier. Als het u wel of niet bevalt, hoor ik het wel. U heeft in ieder geval weer enige leesideeën voor de komende winteravonden meegekregen, dus kan ik rustig stoppen met schrijven. Tot volgende maand.

Broeder Adrianus