Vraag & antwoord

Er is veel informatie te vinden op het internet. Zowel van behulpzame lieden als van minder verlichte geesten


Loge De Friesche Trouw is van mening dat een open en transparante houding het beste antwoord is op geruchten en spookverhalen

Veel gestelde vragen

Er worden vaak vragen over de vrijmetselarij gesteld. In de literatuur en op diverse door vrijmetselaren beheerde websites wordt op deze vragen een zo goed mogelijk antwoord geformuleerd. Hieronder volgt een kleine bloemlezing uit de meest gestelde vragen en antwoorden.
Vrijmetselarij is in essentie een methode. Een methode die ervan uitgaat dat ieder mens door het beoefenen van de ‘Koninklijke Kunst’ (de gebruikmaking van symbolen en het gezamenlijk opvoeren van rituelen) in staat is om de eigen kern beter te leren kennen en daardoor beter in staat is zichzelf en de maatschappij waardevoller te maken. Maar de vrijmetselarij kent geen leerstellingen en zeker geen dogma‘s. Zij staat dan ook open voor al dan niet actieve aanhangers van de Christelijke Kerken, Boeddhisme, Hindoeïsme, Islam, Jodendom en alle andere geloofsovertuigingen, mits deze mannen zich volledig openstellen voor andere dan de eigen leerstellingen en respect voor de mening van anderen tonen. Ook niet gelovigen kunnen lid worden van de vrijmetselarij. Fanatisme laat zich echter op geen enkele wijze met de vrijmetselarij verenigen.Net als bij de meeste religies concentreert de vrijmetselarij zich in essentie op de persoonlijke ontwikkeling van het individu. De laatste decennia wordt ook in het Westen de mens er zich in brede kring van bewust dat er meer is tussen hemel en aarde dan materiële genoegens en bezit en daardoor indringend op zoek is naar spiritualiteit. De Vrijmetselarij biedt een al 250 jaar beproefde methode om in die behoefte te voorzien.
Het onderscheid is de werkwijze en vooral de daarbij horende ritualen en symbolen. De vrijmetselarij is een leerschool tot het zelfstandig zoeken naar waarheid, zonder opgelegde dwang. Er is geen verplichte literatuur, geen examen. De vrijmetselaar verwerpt dogmatische en totalitaire opvattingen. Hij zoekt wat mensen samenbrengt en neemt weg wat hen verdeelt. De Vrijmetselarij is een eigentijdse stroming, geworteld in een eeuwenlange traditie. Los van enige politieke of religieuze beweging is iedere vrijmetselaar zich bewust van zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid. Het streven van de vrijmetselaar is aan zichzelf te bouwen, zijn ´ruwe steen´ te bewerken, om daardoor bewuster in de samenleving te functioneren en op deze manier voor anderen en zichzelf in het dagelijks leven meer te betekenen.
In artikel 1 van de Grondwet heeft de Orde getracht het profiel van een vrijmetselaar te schetsen. Dit artikel luidt: “Een vrijmetselaar is een vrij man van goede naam die is ingewijd in een tot de Orde behorende loge of in een loge die werkt onder een door de Orde erkende Grootloge. Hij werkt samen met andere vrijmetselaren met behulp van symbolen en rituelen aan zijn persoonlijke vorming. Die symbolen en rituelen zijn door de traditie gegeven; ze worden door de vrijmetselaar naar eigen inzicht geïnterpreteerd. De gezamenlijke arbeid inspireert hem ook naar vermogen bij te dragen aan een betere samenleving. De vrijmetselaar zoekt op wat mensen verbindt en tracht weg te nemen wat hen verdeelt, opdat het ideaal van een allen verbindende broederschap gestalte kan krijgen. Daarbij aanvaardt hij een persoonlijke verantwoordelijkheid ten opzichte van de wereld, die hij ziet als een te voltooien bouwwerk waarvan ieder mens een levende bouwsteen is. Hij verricht die arbeid in het licht van een hoog beginsel, symbolisch aangeduid als Opperbouwmeester van het Heelal. De vrijmetselaar erkent de hoge waarde van de menselijke persoonlijkheid, de gelijkwaardigheid van alle mensen, ieders recht om zelfstandig te zoeken naar waarheid en ieders verantwoordelijkheid voor zijn doen en laten. Vrijmetselaren betrachten verdraagzaamheid en streven naar harmonie; mede daardoor kunnen de loges ontmoetingsplaatsen zijn voor mannen met uiteenlopende achtergronden. De gezamenlijke arbeid leidt tot beleving van verbondenheid van alle vrijmetselaren. Die verbondenheid wordt broederschap genoemd.” Dat gezegd hebbende geldt dat iedere vrijmetselaar een ander antwoord zal geven op de vraag wat een vrijmetselaar precies is. Aangezien vrijmetselarij vooral een persoonlijke aangelegenheid is, kan dit niet anders dan een logische consequentie zijn.
Het lidmaatschap van de Orde, en daarmee dat van de loge, staat open voor iedere man van goede naam; dat wil zeggen zijn reputatie mag geen aanleiding geven tot discussie. Hij moet zich kunnen verenigen met de statuten en reglementen van de Orde en de gekozen loge. Er bestaat geen enkele beperking naar geloof, ras, afkomst, maatschappelijke positie of nationaliteit. De minimale leeftijd is 21 jaar. Bijkomend heeft Iedere loge een eigen identiteit. Loges zijn een resultante van hun geschiedenis en de manier waarop de leden zich tot elkaar verhouden. Van belang is dat een kandidaat zich bij de gekozen loge thuis gaat voelen. Om daar over en weer zeker van te zijn wordt er een aantal gesprekken gevoerd met de kandidaat, alvorens hij als lid zal worden aangenomen. De Friesche Trouw is de oudste Loge van Friesland en een van de oudste van het land. Een zekere eigenheid, een gevoel voor historie en traditie is De Friesche Trouw niet vreemd. Een gevoel voor eigenheid dat overigens net zo goed gedeeld wordt door leden die ternauwernood dertig zijn als door leden die de tachtig al ruim gepasseerd zijn.
Bij gesprekken met een kandidaat wordt hem duidelijk gemaakt dat de loge na zijn toetreding van hem verwacht dat hij de bijeenkomsten zo veel mogelijk bijwoont en ook in de loge actief is: door het vervullen van functies en het leveren van bijdragen aan de gedachtewisseling. Alleen bij een goede participatie kan de vrijmetselarij een broeder bieden wat hij daarin wil zoeken. Als daar niet van uitgegaan kan worden, is het de vraag of toetreding wel zin heeft. De participatie is ook voor de loge van belang. Slecht bezochte bijeenkomsten zullen het werken (saamhorigheidsgevoel) en de sfeer in de loge ongunstig beïnvloeden. De gemiddelde opkomst in de loges varieert van 50 tot 70%.
Door buitenstaanders wordt de vrijmetselarij vaak als geheimzinnig gezien. Dit komt onder andere door het gebruik van niet alledaagse symbolen en rituelen. Die dragen in belangrijke mate bij aan het bijzondere karakter wat van binnen de broederschap wordt ervaren en beleefd. Het is niet eenvoudig daarover aan niet-vrijmetselaren uitleg te geven. De terughoudendheid die daardoor onwillekeurig optreedt, wordt door anderen als geheimzinnig ervaren. Daarnaast is het regel dat hetgeen besproken en beleefd wordt binnen de broederschap niet wordt doorverteld aan derden. Dit heeft alles te maken met privacy, respect en openhartigheid en niets met geheimzinnigheid. In de derde plaats zal het besloten karakter van de loge het beeld van geheim genootschap wel eens versterkt hebben. Toch wil het besloten karakter in feite niet méér zeggen dan dat alleen leden en genodigden toegang hebben tot de loge. Net als bij de meeste andere verenigingen, trouwens.
En dan is er nog het ‘geheim’ dat besloten zou liggen in de rituele handelingen en ook dat is een misvatting. De beschrijvingen van rituelen en symbolen zijn te vinden in de meeste openbare bibliotheken en op internet. Een echt geheim heeft de vrijmetselarij niet of het moet de zeer persoonlijke beleving van iedere vrijmetselaar zijn die eigenlijk niet goed onder woorden gebracht kan worden. Dat is niet geheimzinnig, maar pure onmacht.
In publicaties, verhalen en op internet-sites wordt regelmatig verwezen naar een 33e graad in de vrijmetselarij als het hoogst mogelijk haalbare. Dit berust slechts ten dele op waarheid. In de reguliere vrijmetselarij zijn er slechts drie graden; die van leerling, gezel en meester. Deze drie graden zijn ook nog eens volkomen gelijkwaardig aan elkaar, er is geen verschil in status tussen de leerling-vrijmetselaar (1e graad) en meester-vrijmetselaar (3e graad). Eerstgenoemde is net aan zijn reis begonnen door de vrijmetselarij, laatstgenoemde heeft minimaal twee jaar reiservaring in zijn bagage, maar het zijn beide reizigers op hetzelfde traject en niemand kan of wil beoordelen wie al verder op zijn traject gevorderd zou zijn.
Genoemde drie graden vormen de basis van de vrijmetselarij en vormen op zich een afgerond geheel. Veel vrijmetselaren laten het daar dan ook bij in de wetenschap dat er binnen die drie graden altijd genoeg te ontdekken overblijft. Er zijn echter ook vervolg- of zijpaden ontwikkeld die de daarin geïnteresseerde vrijmetselaar nog meer verdieping zou kunnen bieden in bepaalde elementen van de vrijmetselarij, zoals de Merkmeesters, de Tempelridders, de Souverein Prinsen van het Rozenkruis, de deelnemers in het Heilig Koninklijk Gewelf en vele anderen. Een bekend (internationaal) vervolgpad is dat van de Aloude en Aangenomen Schotse Ritus en deze ritus gaat inderdaad door tot de 33e graad. De Rite van Memphis-Misraïm gaat zelfs nog verder en eindigt met een 99e graad. Maar ook hier geldt dat er aan de veelal prachtige titels die bij het behalen van een bepaalde graad horen, geen enkele status wordt toegekend. Ook degenen die zijn ingewijd in de 33e – of 99e – graad blijven gewoon op gelijke voet staan met de leerling-vrijmetselaar. De 33e graad is een optie in het keuzemenu dat de vrijmetselarij eigen is en niet meer dan dat.
Oorspronkelijk was vrijmetselarij voorbehouden aan mannen. Veel loges houden vast aan deze traditie en laten de deuren gesloten voor vrouwen. Er zijn echter ook gemengde loges, waar mannen èn vrouwen gezamenlijk werken aan de idealen van de vrijmetselarij. In Friesland is loge Fiat Lux te Leeuwarden daar een voorbeeld. Daarnaast is er nog de Orde van Weefsters waar uitsluitend vrouwen met een in essentie vergelijkbare methodiek arbeiden. In Friesland is de loge Quintessens daar een representant van. Sinds 2014 is er ook nog een puur vrouwelijke vrijmetselaarsloge actief die zich bedient van de bouwsymboliek; Vrijmetselarij voor Vrouwen in Nederland. Vrijmetselarij is dus niet per definitie alleen voor mannen. Er is keuze. Het laat onverlet dat het overgrote deel van de vrijmetselaarsloges louter door mannen wordt bevolkt. Zo ook De Friesche Trouw.

Elke loge in Nederland ressorteert onder de Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden te Den Haag. Dit is voor Nederland het – democratisch gekozen – overkoepelende orgaan. De loge zelf is een normale vereniging en aldus ingeschreven in het verenigingsregister bij de Kamer van Koophandel. De vereniging functioneert bestuurlijk als een zelfstandige eenheid met statuten en een huishoudelijk reglement. Hierin is de wijze van bestuur, het wisselen van bestuursfuncties, de verplichtingen t.a.v. het huishoudelijk reglement en huishoudelijke vergaderingen, financiële zaken, aanneming van leden etc. geregeld. Elk land is met een eigen organisatie structuur, een eigen hoofdbestuur en een eigen beginselverklaring autonoom. Loges zijn nationaal en internationaal met elkaar verbonden, maar boven het landelijk niveau is er geen sprake meer van een hogere organisatiestructuur, hooguit van samenwerkingsverbanden. Er is derhalve wat vrijmetselarij betreft geen hogere macht dan de landelijke Orde. Soms gehoorde suggesties van een wereldwijd complot behoren alleen daarom al tot het rijk der fabelen.

Loge is afgeleid van het Engelse woord ‘lodge’. De oudste betekenis van dat Engelse woord is bouwloods. Die was in de middeleeuwen bij de bouw van grote werken, zoals een kathedraal, aanwezig. Er werd materiaal opgeslagen en uitgereikt, instructies betreffende de bouw gegeven en ontvangen en er kon buiten de werkuren verpozing worden gezocht. Daaruit is de betekenis voortgekomen van het lokaal waar vrijmetselaren hun arbeid verrichten. Het heeft ook de betekenis gekregen van de groep vrijmetselaren die aan hetzelfde bouwwerk arbeidden, die elkaar dus regelmatig ontmoetten en die deze contacten institutionaliseerden.
In het huidige spraakgebruik heeft het woord loge verschillende betekenissen: een lokale vereniging van vrijmetselaren (hoeveel loges zijn er), de bijeenkomsten (vanavond is er loge), het gebouw en in het bijzonder de ruimte waar het ritueel gebeuren plaatsvindt (de loge moet nog ingericht worden) en tenslotte ook het vrijmetselaarsschap (hij is lid van een loge).

Door uw mogelijke belangstelling daarvoor kenbaar te maken bij een vrijmetselaar die u toevallig kent. Hij zal u met veel plezier begeleiden op de vervolgstappen die nodig zijn. Kent u geen vrijmetselaar? Dan kunt u contact opnemen met de voorlichter en/of secretaris van een loge bij u in de buurt (voor contactinformatie: www.vrijmetselarij.nl) . Ook dan wordt u doorgaans uiterst welwillend verder geholpen. Bij De Friesche Trouw mailt u uw interesse en er wordt zo spoedig mogelijk – zo niet direct – contact met u gezocht. Tijdens een oriënterend gesprek wordt u vervolgens vrijblijvend uitgelegd wat er verder nog komt kijken bij een beoogd toetreden tot de Orde. Daarbij wordt namelijk niet over één nacht ijs gegaan. Het heeft allemaal enige tijd nodig. Waarom dat zo is, wordt u bij dat gesprek ook haarfijn uitgelegd.

Van oudsher is de vrijmetselarij een broederschap, een inwijdingsgenootschap waartoe alleen mannen wordt toegelaten en dat is bij de meeste loges nog altijd het geval. Daarmee is de vrouw niet uitgesloten; bij meerdere gelegenheden per jaar wordt de aanwezigheid van de dames bijzonder op prijs gesteld. Bij dat soort gelegenheden worden gewoonlijk ook de weduwen van overleden broeders uitgenodigd.
Sinds 1947 bestaat er echter ook een vrijmetselaarsorde waarvan alleen vrouwen lid kunnen zijn: Vita Feminea Textura. Deze orde gebruikt de weefster-symboliek. In Friesland is de loge Quintessens daar een voorbeeld van. Sinds 2014 wordt er tevens gewerkt aan een vrouwelijke vrijmetselaarsloge die zich bedient van de bouwsymboliek: Vrijmetselarij voor Vrouwen in Nederland. Daarnaast bestaat er al langere tijd gemengde vrijmetselarij, waarvan zowel mannen als vrouwen lid kunnen worden. In Leeuwarden is de loge Fiat Lux daar weer een voorbeeld van. Er is voor iedereen, mannen èn vrouwen, dus een vrije keuze op het gebied van vrijmetselarij.

Vrijmetselaars nemen deel aan rituele bijeenkomsten van hun loge, waarbij zij de inwerking van de gehanteerde symbolen ondergaan: ieder in de mate waarin hij zich daarvoor openstelt. Ook aan de teksten, die worden uitgesproken, komt slechts symbolische betekenis toe die een ieder naar eigen beleving kan invullen. Doordat de vrijmetselarij zich niet door leerstellingen met waarheidspretentie tot de mens richt maar slechts door middel van symbolen, wordt bewerkstelligd dat de individuele vrijmetselaar niet in een keurslijf van dogma’s wordt gedrongen en dat hij niet wordt verleid tot de gedachte ‘de’ waarheid in pacht te hebben; hij kent slechts ‘zijn’ waarheid. Broederlijkheid, humor en zin voor relativiteit moeten ervoor zorgen dat de zoektocht naar waarheid niet uitmondt in de arrogantie van de zekerheid noch in de steriliteit van het conformisme.

Ja, maar er is een duidelijk verschil tussen theorie en praktijk. Vrijmetselaars beschikken over onderscheidende woorden, tekens en aanrakingen. Ze worden overgedragen tijdens de inwijdingswijdingsrituelen van de drie graden van de vrijmetselarij – leerling, gezel en meester – en maken deel uit van de traditie. In de praktijk worden deze echter zelden of nooit gebruikt buiten het logegebouw in de ‘normale’ wereld. Sterker, veel vrijmetselaars worden niet graag op die manier benaderd en staan huiverig tegenover een ons kent ons mentaliteit. Vooral in een professionele context wordt dit als not done beschouwd. Aan de andere kant hebben vrijmetselaren aan een woord of een frase genoeg om zich als zodanig kenbaar te maken aan iemand waarvan ze vermoeden dat hij ook vrijmetselaar is. De reactie van de ander maakt direct duidelijk of dit vermoeden op waarheid berust of niet. Ook hierdoor worden de ‘officiële’ herkenningstekens nagenoeg nooit gebruikt.

De Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden is het organisatorisch verband waarbinnen de voorwaarden worden geschapen om vrijmetselarij te kunnen beoefenen in de traditie waarin dat sinds de oprichting is gebeurd. Het beleid van de Orde is er op gericht om zoveel mogelijk mannen in de gelegenheid te stellen vrijmetselarij te kunnen beoefenen. De Orde telt momenteel 168 loges, met gezamenlijk circa 6000 leden. Loge De Friesche Trouw te Leeuwarden is daar één van.

Op de officiële website van de Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden kunt u meer vragen en antwoorden lezen en zoeken naar een loge bij u in de buurt als u niet in Friesland woont.

“Always do right. This will gratify some people, and astonish the rest”
– Mark Twain

OP U KOMT HET AAN


Voor het leven?

Eén van de geruchten die de ronde doen is dat, eenmaal ingewijd, een man nooit meer de vrijmetselarij kan verlaten. Gelukkig is dit niet correct. Een vereniging die vrijheid, gelijkheid en broederschap hoog in het vaandel draagt zou zo niet kunnen functioneren.

Wij werven zelf niet, maar onze deur staat altijd open voor alle serieus geïnteresseerden. Lidmaatschap gebeurt uitsluitend op vrijwillige basis. Als de Friesche Trouw u tegenvalt kunt u uiteraard uw lidmaatschap opzeggen. Wel horen we graag wat wij beter hadden kunnen doen.


Placeholder
Placeholder

Verder lezen

In het digitale magazine “Vrijmetselarij, wat is dat eigenlijk?” kunt u lezen  hoeveel vrijmetselaars er eigenlijk zijn, wat het in kan houden en waar wij voor staan.

Op u komt het aan

Bent u een vrij man van goede naam? Geïnteresseerd in persoonlijke groei, alle kanten van uzelf leren kennen en benieuwd wat de vrijmetselarij u kan bieden? Maak een afspraak en uw vragen worden openhartig beantwoord.

Afspraak maken